Sacramentsprocessie te Schorisse rond 1980

Vele jaren geleden trok, in elke parochie, op Sacramentsdag een processie door het dorp. Sacramentsdag is een feest in de katholieke kerk dat gevierd wordt op de tweede donderdag na Pinksteren, (tien dagen na Pinksteren) een gebeuren waar men vooral de eerbied voor de geconsacreerde hostie wil benadrukken. Het is eigenlijk een opnieuw vieren van Witte Donderdag maar nu ligt de klemtoon meer op het katholieke dogma van de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in de gedaante van brood en wijn in de Eucharistie (de Transsubstantie). Het was en blijft één van de essentiële geloofs-verschilpunten tussen katholieken en protestanten die niet geloven in de lijfelijke aanwezigheid van Christus in de hostie. De geconsacreerde hostie wordt bewaard in het tabernakel en in een monstrans. Na de misviering, op de zondag die volgt op Sacramentsdag, draagt de priester de geconsacreerde hostie, die in een monstrans werd geplaatst, in een processie door de straten van het dorp. De priester stapte onder het baldakijn gedragen door enkele notabelen van het dorp. Hij was vergezeld van de misdienaars, de leerlingen van de school, afgevaardigden van de plaatselijke verenigingen, een grote groep biddende gelovigen en om alles nog wat meer luister te bezorgen speelde een fanfare. Dit gebeuren is nu in de meeste streken in onbruik geraakt.

Processie door de velden in Schorisse (± 1950).

De instelling van Sacramentsdag gaat terug op de visioenen van de Luikse augustines Juliana van het klooster Mont Cornillon. Vanaf 1209 had deze non mystieke ervaringen. Zij beweerde dat Christus aan haar verschenen was en haar had opgedragen zich in te spannen voor de instelling van Sacramentsdag. De bisschop van Luik geloofde haar en stelde in 1248 dit feest in zijn bisdom in. Paus Urbanus legde in 1264 de datum van het feest vast op de tweede donderdag na Pinksteren. Het feestelijk vieren op Witte Donderdag was omwille van het boetekarakter van die week niet aangewezen.


De processie te Schorisse.

De H.-Sacramentsprocessie te Schorisse had jaarlijks plaats op tweede zondag na Pinksteren. Een van de laatste keren gebeurde dit op 8 juni 1980. Pastoor Jean Vanderstuyft nodigde o.a. per brief alle parochianen en parochiale verenigingen er op uit en vroeg om een “actieve deelname, d.w.z. MEE OPSTAPPEN met de Heer in fiere biddende houding”. De verenigingsvlaggen mochten natuurlijk niet ontbreken. Alles was tot in de puntjes georganiseerd, de taken waren verdeeld. Er moesten dragers zijn voor het St.-Jozefbeeld, het vaandel van St.-Franciscus, het beeld van St.-Franciscus, flambeeuwen, toortsen en de hemel. De jongens die in dit jaar hun Plechtige Communie hadden gedaan mochten het beeld van het Kind Jezus dragen. Onderweg moest er regelmatig afgelost worden en iedereen moest mee opstappen rond het beeldje. De meisjes mochten het gerestaureerde Mariabeeld dragen. Alle andere schoolkinderen, jonger of ouder dan 12 jaar werden eveneens verwacht. Ze kregen dan andere taken toebedeeld: vaandels, borden of reuze-paternosters dragen. De deelnemers aan de processie moesten ofwel de vroegmis of de avondmis bijwonen, want iedereen moest zich tijdens de hoogmis opstellen in de Essestraat en dit in de juiste volgorde. De gelovigen die de hoogmis bijwoonden sloten zich na het slotgebed aan achter het Allerheiligst Sacrament. De ruiters openden de optocht, de baljuw (B. De Geyter), de Kruiskandelaars gedragen door J. Opsomer, E. De Smaele en R. Cruypeninck volgden met daarna alle leden van KBG-KWB, KVLV, Landelijke Gilde en H.-Hartbonden samen met hun vlag.

 

v.l.n.r.: Ursmarine De Geyter, Francine Odevaert en S. Orins.

Na het beeld van St.-Jozef, gedragen door V. Geenens, J.M. Dhondt, A. Detandt en B. Detandt volgde het vaandel van St.-Franciscus gedragen door A. Vanwymeersch. Het beeld van Franciscus werd gedragen door P. Desmaele, J.P. Bauters, J.C. Detandt en E. Pollentier en M. Walraet, M. Vandevijver, S. Vanderdonckt en L. Vanwijmeersch droegen het beeld van St.-Aloysius.

Basiel De Geyter (suisse), Jean-Pierre De Smaele, Andre De Cubber en Jozef Dhaeyer.

De leerlingen van de school stapten mee op rond de “Maria Koningin” en sommigen droegen reuze-paternosters. D. Devriendt, K. Besard, I. Vanderdonckt, K. Lenvain, R. Detandt, C. Chevalier, K. Dhaeyer en M. Vandenbroeke waren aangesteld om het O.-L.-Vrouwbeeld te dragen terwijl de jonge Plechtige Communicanten van 1980 het beeld van het Kind Jezus van Praag droegen. Het waren: P. Dumont, M. Delongie, K. Spileers, J.J. Decoudin, D. Dholieslager, J. en W. Schiettecatte, K. Roman, J. Clepkens, P. Marist, M. Vanschoorisse en D. Coessens.
Hierna volgde het St.-Gregoriuszangkoor, de leden van de gemeente- en kerkraad. De groep “Jezus, de Kindervriend” stapte op juist voor de St.-Ceciliafanfare uit Nukerke. Vóór het baldakijn, gedragen door R. Bauwens, L. De Steur, R. Dhont enT. Van Schoorisse stapte de groep met de kleine lantaarns: P. Besard, E. Vanderstraeten, F. Opsomer, P. Decraeye, F. Vandeputte, H. Vandenbroecke, K. Gossye, M. Chevalier, B. Vanwijmeersch, I.C. en F. Vandermassen e.a. De grote lantaarns werden gedragen door R. Verbeurgt, Joz. Detandt, L. Desmaele en M. Dhaeyer. Rond het baldakijn stapten dan ook nog de dragers van de wierookvaten en bellen: J.P. Bauters, P. Bockstael, B. en S.Vlerick, Joh. Detandt, M. Van Immerzeele en H. Van Frachen.
De dragers van de grote beelden losten elkaar af bij de drie voorziene haltes. Daar zegende de priester de biddende gelovigen.

 

Rustplaats in de Colpaertstraat aan het huis van Maurice Aelvoet, nu bewoond door Anne-Marie Aelvoet. V.l.n.r.: Maurice Aelvoet, Georgette Ramsdam, Anna Dhayer, Mariette Ramsdam, Anne-Marie Aelvoet, Marcel Vlerick, Maria Verbruggen en Maria Ramsdam.

De hoogmis starte om 9u30 en onmiddellijk daarna (rond 10 uur) vertrok de processie in de Essestraat en via de Zottegemstraat, het Hofveld en de Bovenstraat trok men naar De Wante. Rond 11u30 dankte de pastoor Jean Vanderstuyft alle deelnemers voor die openlijke blijk van gelovigheid.