... En er was maar één klok

 

In de Sint-Britiuskerk te Etikhove hangen in de nok van de toren twee bronzen klokken. De grote klok weegt ongeveer 950 kg en heeft een maximale diameter van 1,15 m. Aan de basis kan volgende tekst worden gelezen: “Ick behoore eenige ingezetenen van Etichove volgens acte van den XXIII November. – N. Simon en C. Drouot hebben mij gegooten – sChIsMate se Dato ConCIeo”(1). Deze laatste zin geeft het jaartal weer in Romeinse cijfers CIMDCCI = 1802 (2) (wiskundigen zullen wel een beetje moeite hebben met de volgorde van de lettertjes, maar ik kan me niet voorstellen dat de heren Simon en Drouot daar zwaar aan tilden – aan de klok wel).
Deze grote klok heeft ook een klein broertje, de “kleppe”, een handklok, die slechts een dertigtal kilogram weegt (3). Over deze kleine dreumes is weinig gekend, alleen dat ze ouder is dan haar veel grotere zus (technisch klopt hier iets niet, maar laten wij dit als een vorm van dichterlijke vrijheid beschouwen).
Wel is het zo dat het kleine ding het leven van die grote zus heeft gered...
In 1942 rommelde allerlei geschut in onze streken. De Tweede Wereldoorlog was volop gaande in Europa. Voor de munitie was veel brons nodig. En dat brons hing voor het rapen (nou ja) in de kerktorens. De Duitse agressor had dit begrepen en droeg de arrondissementscommissarissen op een inventaris door te geven aan de “Kreiskommandanturen” van alle klokken welke zich bevonden in de kerken in Vlaanderen. Maar, goede katholieken als de Duitsers wel waren, mocht er in elke kerk toch één klok blijven hangen. De inventaris moest hierover uitsluitsel geven. In een schrijven van 8 april 1942 van de arrondissementscommissaris van Oudenaarde aan de Kommandantur te Aalst lezen we dat er slechts één klok hangt in de Sint-Britiuskerk te Etikhove. De commissaris verduidelijkte zelfs welke klok er hing, en gaf daarbij een duidelijke beschrijving van de grote klok zoals hierboven beschreven, en zelfs waarvoor de klok er hing: “voor het luiden en kleppen ter gelegenheid der kerkelijke diensten alsmede voor het slagen der uren”. Dergelijke klok was uiteraard onmisbaar. Alleen ..., wist de commissaris van het bestaan van de kleppe, en loog hij dan, of wist hij er niet van, en was er dan maar één klok...? Maar waar was die kleppe dan? Immers, de Duitsers zouden toch wel komen nakijken of de verstrekte informatie wel klopte? En ik kan me niet voorstellen dat ze met foute informatie zouden kunnen lachen. Hoe kunnen we dit uitleggen?
In die periode was Franz Thienpont, vader van onze huidige burgemeester Peter Thienpont, schepen te Etikhove. Hij was het blijkbaar, die in 1942, de “goedgelovige” arrondissementscommissaris wijsmaakte dat er in Etikhove slechts één klok hing. Dit blijkt uit een rapport van 5 september 1944, opgesteld door Franz Thienpont en gericht aan de toenmalige Procureur des Konings Matthys, waarvan zich een kopie bevindtin de privé-archieven van Peter Thienpont. Daarin lezen wij onder punt 7 onder de hoofding “Zaak der klokken”: “De afmeting, gewicht, aantal en inscriptie der klokken moest opgegeven worden. Ik heb het initiatief genomen maar een klok op te geven en de andere te verstoppen. Zoo heeft de kerk van Etikhove de twee klokken behouden.” Zo weten we nu al wie de aanstichter was voor het bedrog, maar wie waren de uitvoerders?
De daders waren met drie. En 't was nog familie (4) ook. Jozef Van Nieuwenhuyze(†) en twee van zijn zonen, Georges en Rupert(†) (mijn grootvader en twee nonkels) werden door Franz Thienpont gevraagd om de “kleppe” uit de kerk te verstoppen. Als voorbeeldige burgers en verknocht aan de kerk en de parochie voerden ze de opdracht uit.

Foto 1 : De draagstoel in de kerktoren, met links de grote klok
en rechts bovenaan (ietwat verscholen) de “kleppe”.

Nonkel Georges, inmiddels 92 jaar, kon mij nog een en ander vertellen over hun “criminele gedrag” van toen. De precieze dag kan hij zich niet meer herinneren, maar wel weet hij nog dat op die vroege morgen in maart of april 1942 zij met hun drieën de spiltrap langs de toren naar boven slopen, om éénmaal op het niveau waar de draagstoel van de klok zich bevindt, aan hun opdracht te beginnen. Nu heb ik wel enkele bedenkingen. Bekijk foto 1 eens goed. Ziet U daar dat ingewikkelde balkengedoe, die wirwar van stevig eikenhout waaraan aan de éne kant een klokvan bijna één ton hangt en een paar meter verder een klein broertje van 30 kg? Nu vind ik toch dat die kleine klok precies toch een beetje verzwaard is in de loop der jaren. Zou het kunnen dat mijn oorspronkelijke bron (3) zich hier een beetje heeft vergist? Nonkel Georges geeft inderdaad toe dat de kleine klok eerder 50 kg weegt.

Tweede bedenking: welke circustoeren hebben de drie moeten uithalen om die klok van tussen die constructie te halen? En dan nog met dergelijk “lomp” gewicht? En, ... ze mochten ook geen lawaai maken, en zeker de klok niet laten luiden... Iemand moest ze eens bezig horen! Een paar uur zijn ze toch bezig geweest met het losmaken van de klok, ze vanuit het eikenhouten staketsel te halen en ze dan ... Ja, wat dan? Het ware misschien gemakkelijker geweest om bij nacht en ontij met de klok over het dorpsplein te vluchten richting 'een schuilplaats', maar het risico om betrapt te worden was toch te groot. Ze hadden hun plan echter goed voorbereid – ik zei het al, ze kenden elk hoekje van de kerk. Op het niveau waar de torenuurwerken zijn gemonteerd (ongeveer 10 meter onder de draagstoel van de klokken) bevindt zich, net voorbij het deurtje dat leidt naar de spiltrap, een kleine nis in het metselwerk, net onder een zware balk.

Foto 2 : Het niveau van de torenuurwerken. Rechtsboven, de wijzerplaat welke uitgeeft in de kerk,
links het deurtje naar de spiltrap met daarnaast onder de eiken balk, de kleine nis.

Het zal toch wel een zeker gesleur geweest zijn om met die klok, langs twee steile houten, alles behalve rechte, trappen tot bij die nis te geraken. Het is in die nis dat de klok het twee jaar heeft volgehouden, alleen, verscholen achter wat steengruis en ander stoffig vuil.Ik weet niet of de Duitse bezetter ooit is komen controleren hoeveel klokken er hingen in de toren. Zo ja, zijn ze blijkbaar toch aan de schuilplaats van de klok voorbijgegaan. Waaruit blijkt dat om iets goed te verstoppen, de eenvoudigste plek soms de beste is.

Foto 3 : De nis waarin de klok verborgen was.

Na de oorlog werd de klok door dezelfde mensen teruggehangen. Niemand heeft in die tijd ooit geweten wie de “kleppe” verstopt heeft. Alleen “Bromse Miel” had het gezien... maar wie was dat nu weer... ?
Een laatste bedenking: zou nonkel Georges ook weten waar het verdwenen paneel van het Lam Gods, “De Rechtvaardige Rechters”, zich bevindt? Hij verbleef in 1934 toch in Oostakker?

1. Letterlijk: Na een scheuring (schisma) breng ik weer samen of: Na een twist breng ik verzoening.
2. Bourdeaudhui J., “De Sint-Britiuskerk te Etikhove”, Businarias, 2002, p.81.
3. Van Nieuwenhuyze A., “Historiek van Etikhove”, 1976, p.105.
4. Bourdeaudhui J., “Schrijnwerkerij Van Nieuwenhuyze uit Etikhove 175 jaar”, Businarias, XI, mei 2007, p. 17-23.